De uitbreiding van de EU en de NAVO en de relatie tot de voormalige Sovjet-Unie

In de eerste decennia van het bestaan van de EU en diens voorlopers sloten zich hierbij alleen landen aan die als vanzelfsprekend tot de West-Europese cultuur behoorden: België, Nederland, Luxemburg, de Bondsrepubliek, Frankrijk, Italië, Denemarken, Groot-Brittannië, Ierland, Denemarken,Griekenland, Spanje, Portugal, Finland, Noorwegen, Oostenrijk en Zweden (1995). Deze landen waren of werden gewoonlijk ook lid van de NAVO.
          Maar in 1989 veranderde de situatie. In dat jaar viel de Sovjet-Unie uiteen in afzonderlijke landen en hoewel een aantal daarvan zich in 1991 weer aaneensloot tot de Russische Federatie bleef hun onderlinge samenhang en hun politieke macht voorlopig gering. De andere landen wilden zelfstandig blijven en een deel daarvan zocht toenadering tot de EU, die ze graag verwelkomde, mede omdat hierdoor de kans op een wederopstanding van het gevreesde Sovjetblok sterk verminderde. In 2004 werden in één keer tien van dergelijke landen aan de EU toegevoegd. In de jaren daarna volgden er nog meer. In de hieronder volgende tabel zijn de uitbreiding van de EU, de NAVO en de eurozone weergegeven.


Gezien vanuit West-Europa lijkt deze uitbreiding voor velen vanzelfsprekend, zo spreekt www.europanu.nl van een “historisch groeiproces”. Maar gezien vanuit Rusland ligt de zaak anders. Op een wereldkaart is duidelijk te zien dat de EU door deze groei het gebied van de vroegere Sovjet-Unie vanuit het westen steeds verder opslokt en het kan niet anders of dit wordt vanuit Moskou ervaren als bedreigend. Te meer doordat het lidmaatschap van de EU meestal ook leidt tot dat van de NAVO.


Donkergroen: landen van de EU vóór 1989
Lichtgroen: “westerse” landen die na 1989 zijn toegetreden
Geelbruin: vroegere oostbloklanden die na 1989 zijn toegetreden
Bruin: landen die in onderhandeling zijn over toetreding
Rood: Rusland en de momenteel daarmee verbonden landen